Eindhoven bezet

1940 - 1944

Een overzicht van bezettingsjaren in Eindhoven
Gezien vanuit Philips medewerker Feik Fast en
unieke foto's uit archief Jaques Hermans o.a. P.A.N. en verzet Eindhoven

Inleiding de Eindhovense bezettingsjaren

Eindhoven is in de mei dagen van 1940 zonder slag of stoot gevallen.  De in 1939 opgeleverde Constant Rebecquekazerne aan de Oirschotsedijk 14B in Eindhoven, was bijna leeg.  De militairen lagen bij de Peel- of Grebbelinie. De kazerne maakte deel uit van de zestien zogenaamde Boostkazernes, die vanwege de Duitse oorlogsdreiging met spoed in de periode 1938-1939 werden gebouwd. Direct na de Duitse bezetting in 1940, werd de kazerne geconfisqueerd door de bezetter en werden extra gebouwen bijgebouwd, zoals de manschappenkantine en het later zo genoemde Duitse Dorp.

Het Eindhovense politiekader bood geen tegenstand, de politie commissaris G. F. Brinkman, was al jaren Duits gezind en hij bestreed liever de communisten, werklozen comités dan de nazi's in het vooroorlogse Eindhoven. In Helmond aresteerden de polite wel los lopende Duitse militairen op 11 mei. In Eindhoven moesten de agenten hun pistolen inleveren. De Duitse bezetter had geen enkele moeite met Brinkman en ze kregen van hem alle medewerking tot op 31-12-1940 met pensioen ging.

Op 12 mei 1940 verschijnen al de eerste Duitse verkenningstroepen in Eindhoven. Weerstand ondervonden de bezetters niet, ondanks dat pas op 14 mei de Nederlandse overgave was, na het verwoestende bombardement van de Duitsers op Rotterdam. 

N.S.B.ers en rijksduitsers die opgepakt waren tijdens de oorlogsdagen werden weer vrijgelaten en pesterijen en de straatterreur van de N.S.B en hun W.A. begon in Eindhoven. Duitsers gingen over tot oppakken van anders denkenden en Joodse mensen. In de loop van de tijd gaat de Duitse bezetter ook steeds meer over tot invoerings van drastische maatregelen en terreur.

Op deze site staan diverse verhalen over de bevrijding, maar onder bezetting geen bevrijding. 

Het dagboek van de 30 jarige Feik Fast geeft een ingrijpend en menselijk beeld van deze bezettingsjaren. Hij werkt al een aantal jaar bij Philips op het Nat.Lab als laborantmedewerker. 


Duitse minitairen marchen 12 mei Eindhoven binnen.
Foto gemaakt op de Willemstraat  ter hoogte van slagerij Jos van Stratum (Willemstraat 23)
Foto is waarschijnlijk gemaakt zomer 1940 
Foto ® Jacques Hermans / Eindhoven4044.nl 

Donderdag 9 mei 1940

Deze dag ontving ik mijn laatste ITO- les, de cursus had van september af geduurd, zodat we blij waren, dat we in het vervolg weer wat meer vrije tijd voor onszelf zouden hebben.

Eergisteren werden plotseling opnieuw alle militaire verloven opnieuw ingetrokken, zonder dat eigenlijk iemand wist, wat er nu precies aan de hand was. Op 10 april, toen de Duitsers Noorwegen binnenvielen, waren de verloven ook ingetrokken, en toen was het duidelijk, waarom.

Vrouwen en kinderen van de mensen van het Philips laboratorium, die eventueel zouden vertrekken, waren opnieuw geëvacueerd. Elke avond moesten de koffers weer worden klaargezet.

Vrijdag 10 mei 1940.

 's Nachts om vier uur werden we gewekt door voortdurend motorgeronk, zodat we eens voor het raam gingen kijken, wat voor "Oefeningen" er gehouden werden. Er waren tientallen vliegtuigen te zien, wat we al enigszins vreemd vonden. Later hoorden we, dat honderden vliegtuigen boven Eindhoven gevlogen hadden, iets vroeger. Terwijl we voor het raam stonden te kijken, hoorden we plotseling het geratel van mitrailleurs, zodat we enige argwaan begonnen te krijgen. Ik ging dus maar eens mijn radio aanzetten, die inderdaad in actie bleek te zijn. Onafgebroken werden berichten van de luchtwachtdienst omgeroepen, die gewaagden van Duitse toestellen in grote getale, die nog voortdurend aanrukten. Er werd steeds gewaarschuwd tegen parachutisten, sommigen in Nederlandse uniformen gekleed!, die op allerlei plaatsen, o.a. Moerdijkbrug, Boxtel, Delft den Haag in de bosjes van Poot enz., werden omlaag gelaten.

Van slapen kwam natuurlijk niets meer, ook al omdat het geronk voortdurend bleef aanhouden, en de radio maar berichten bleef geven.

Om kwart voor acht kwam het bericht, dat ook Engelse en Franse toestellen waren verschenen, die beschouwd moesten worden als onze b o n d g e n o t e n ! Om acht uur kwam het ANP met het definitieve bericht van de uitgebroken oorlog en een proclamatie van de koningin. Ook België en Luxemburg waren in de oorlog tegen Duitsland betrokken.

Niettegenstaande al een half jaar voortdurend met de mogelijkheid, dat we ook in oorlog zullen kunnen geraken rekening was gehouden, hadden we het toch eigenlijk nooit kunnen geloven, zodat de schrik groot was.

Op het Nat lab, stond ook alles plotseling op zijn kop, aan de poort moesten we al onze legitimatie tonen, en werden alleen Nederlanders toegelaten. Al onze chefs waren vertrokken in de nacht, zodat het een zeer stille boel was, en we niet wisten, wat aan te vangen. 

Allerlei maatregelen werden genomen, zoals het laten leeglopen van cilinders, ontruimen van de bovenverdiepingen, enz. 
We moesten nog naar het Philips hoofdkantoor ook om twee maanden extra salaris in ontvangst te nemen.

De krant kwam niet meer, de gehele treinenloop scheen gestaakt te zijn. De gehele dag bleven we vliegtuigen zien, en we vernamen dat 's ochtends vroeg het vliegveld reeds gebombardeerd was, en doden en gewonden in de aangrenzende boerderij gevallen waren.

's Avonds was de gehele stad reeds in het donker gehuld en moesten we allerlei maatregelen nemen, zoals het verduisteren, klaarzetten van water, ramen met papierband beplakken enz. 

Overal waren de bekendmakingen aangeplakt. Op het lab, deden we niet veel anders, dan de toestand te bespreken.



Eindhovensche en Meierijsche courant verschijn niet op 10 mei wel weer op 11 mei 1940, maar zal daarna weken niet meer verschijnen. Informatie ging vooral hierna via aanplak biljetten die al gauw bepaald werden door de Duitse bezetter. Engelse radio gaf meer informatie.
Strategie van alle tijden beheers de informatie bronnen.

Zaterdag 11 mei 1940.

Weer waren we vroeg wakker, nu hoorden we duidelijk het gerommel van het geschutvuur, en weer motorgeronk. Ik ben weer de gewone tijden naar het lab. geweest, ofschoon we eigenlijk niet weten, waar dat nog goed voor is.

Ondertussen komen de gruwelijke oorlogsberichten binnen: al honderd neergeschoten vliegtuigen, een pantsertrein in de lucht gevolgen, enz.

's Middags zouden we in de stad enige inkopen gaan doen, wat nu niet bepaald al te vlot verlopen is. Op de Boschdijk zagen we een eindeloze stoet van vluchtende Nederlandse troepen, allen naar het Noorden.

Er waren honderden met paarden bespannen wagens, fietsers, autos, alles ordeloos door elkaar. De soldaten zagen er verschrikkelijk afgemat en somber uit, met stoppelbaarden en gekreukte uniformen, in schril contrast met de mooie oefeningen, die we sinds de mobilisatie gewoon waren te zien. Van Mia en Wil, die met sommigen gesproken hadden, hoorden we later ook, dat ze vijf nachten niet geslapen hadden, terwijl ontzettend veel gesneuveld waren, van een 900 man waren er b.v. 40 over.

Langs de weg stond het zwart van mensen de terugtocht gade te slaan en de soldaten versnaperingen uit te reiken. De hele dag hadden we reeds Duitse bommenwerpers zien passeren, ook nu verscheen plotseling een vliegtuig, en daar beleefden we ineens ons eerste luchtalarm.

Het doordringende sirenegeloei klonk, en de mensen vluchtten in alle richtingen. We waren dicht bij huis, zodat we dat direct bereikt hadden. De vliegtuigen hadden het natuurlijk op de troepen voorzien, van Mia hoorden we later, dat ze niet vlug genoeg had weg kunnen lopen, en tegen een muur had gedrukt gestaan, terwijl een vliegtuig laag over kwam en onze soldaten beschoot.

Na een kwartiertje werd het alarm afgeblazen, en gingen Rie en ik weer stadwaarts. Een deel van de Fellenoord was afgezet, en we waren nog niet bij de overweg, of opnieuw werd alarm geblazen, we vluchtten in een schoenenwinkel. Ditmaal werden we wel een half uur opgehouden.

Ondertussen was het bij half zes geworden, en nu bleek het, dat alle zaken al om vier uur hadden moeten sluiten wegens het alarm!

Wij dus weer terug, en nauwelijks onderweg, of voor de derde keer werd alarm geblazen.! Ditmaal kwamen we in een echte openbare schuilplaats terecht, waar we in het halfduister op banken langs de muur zaten met een honderd mensen. We voelden ons zo zoetjes aan diep ontroerd door het voorrecht in een "beschaafde" maatschappij te mogen leven! Het afweer alarmeren was absoluut onhoorbaar in deze met een dikke laag aarde bedekte plaatijzeren schuilplaats, maar de bij de uitgangen staande mensen waarschuwden, toen het zover was. 

Even later hoorden we hevige ontploffingen, die overal de ramen deden rinkelen. Later hoorden we, dat de troepen de brug over het Wilhelminakanaal bij Best achter zich hadden opgeblazen, zodat de Boschdijk hier voorlopig voor ons eindigt.

We zijn toen nog even bij ons thuis aangelopen, waar de blokpost in volle functie was. Toen we er waren, kwam het vierde luchtalarm, ondertussen waren nog steeds ontploffingen in de verte hoorbaar.

Toen we 's avonds nog bij Rie's ouders geweest waren, fietsten we voor het eerst in het pikkedonker, zonder lamp op de fiets, naar huis.

Bij het thuiskomen 's middags moest ik nog over het dak bij de buren bij mezelf inbreken, daar de sleutel binnen op de deur zat!

Even later hoorden we hevige ontploffingen, die overal de ramen deden rinkelen. Later hoorden we, dat de [onze] troepen de brug over het Wilhelminakanaal bij Best [ zie bovenstaande foto] achter zich hadden opgeblazen, zodat de Boschdijk hier voorlopig voor ons eindigt.

We zijn toen nog even bij ons thuis aangelopen, waar de blokpost in volle functie was. Toen we er waren, kwam het vierde luchtalarm, ondertussen waren nog steeds ontploffingen in de verte hoorbaar.

Toen we 's avonds nog bij Rie's ouders geweest waren, fietsten we voor het eerst in het pikkedonker, zonder lamp op de fiets, naar huis.

Bij het thuiskomen 's middags moest ik nog over het dak bij de buren bij mezelf inbreken, daar de sleutel binnen op de deur zat!